
Niet zo lang geleden stond het nog in alle handboeken: baby's van minder dan pakweg een half jaar oud vergeten bijna meteen elk object dat ze niet meer kunnen zien. Als de bal uit baby's gezichtsveld verdwenen is, dan bestaat de bal niet meer, wat baby betreft. De kleinste kinderen hebben nog geen objectpermanentie, heette het in het jargon.
Maar de werkelijkheid is ingewikkelder, zo blijkt de jongste jaren steeds duidelijker uit experimenten. Zuigelingen hebben soms onvermoede talenten. Met slimme experimenten proberen psychologen in kaart te brengen wat jonge baby's precies kunnen, en wat niet. Een nieuwe studie door Amerikaanse onderzoekers voegt een stukje toe aan de puzzel. Baby's die vergeten zijn welk object ze enkele ogenblikken tevoren gezien hebben, kunnen zich wel herinneren dát ze een object gezien hebben, en waar het zich bevond. Dat schrijven Melissa Kibbe van de Johns Hopkins-universiteit in Baltimore en Alan Leslie van de Rutgers University in het vakblad Psychological Science.
Nieuwe objecten
Om na te gaan wat baby's wisten en zich herinnerden, gebruikten de onderzoekers een vertrouwd fenomeen: baby's tonen veel interesse en blijven lang kijken naar dingen die nieuw voor ze zijn, of die niet zijn zoals ze verwacht hadden, en zijn integendeel weinig geïnteresseerd in vertrouwde voorwerpen en situaties. Baby's een door de onderzoekers opgezette situatie laten gadeslaan en vaststellen hoe geïnteresseerd (of verbaasd) ze zijn, door te timen hoelang ze blijven toekijken, is een veelgebruikte techniek om na te gaan wat kinderen denken die nog niet kunnen praten.
Experiment
In het nieuwe experiment lieten de Amerikaanse psychologen zes maanden oude baby's kennismaken met twee objecten, het ene in de vorm van een driehoek, het andere een schijf. Vervolgens verborgen de onderzoekers de driehoek achter een ondoorzichtig scherm (terwijl de baby toekeek) en de schijf achter een ander scherm. In welke mate zouden de baby's zich nu herinneren waar de driehoek en de schijf verstopt waren, of zich herinneren dat er überhaupt ergens een driehoek en een schijf waren?
De onderzoekers veranderden stiekem wat er achter de schermen zat. Vervolgens namen ze het scherm weg waarachter eerder de driehoek was verstopt, en ze keken nauwgezet toe hoe de baby's reageerden. Als de driehoek vervangen was door een schijf, dan toonden de kinderen geen bijzondere interesse; ze keken niet langduriger dan als het gewoon een driehoek was gebleven. Met andere woorden: de baby's waren helemaal niet verbaasd als de driehoek op mysterieuze wijze in een schijf was veranderd. Maar als de driehoek was weggehaald en er niets in de plaats was gezet, dan waren de baby's wél verbaasd, dan bleven ze lang kijken naar de lege plek.
Dat betekent, denken de onderzoekers, dat de baby's wel degelijk wisten dat er íets achter het scherm zat, en dan ook verwachtten er iets te zien. Alleen waren ze vergeten wat precies.
Bron: De standaard





